We leven in een tijd waarin de buitenwereld harder aan ons trekt dan ooit. We hebben meer kansen en mogelijkheden dan zelfs de rijkste koning in de middeleeuwen, maar lijken steeds minder aanwezig bij de keuzes die we maken. Nog voor iets werkelijk kan landen, zijn we alweer onderweg naar het volgende. De eindeloze prikkels van het digitale tijdperk en de 24-uurs economie laten je van scroll naar swipe bewegen, van meeting naar melding, totdat je op een kruispunt staat en je afvraagt wat nu eigenlijk de bedoeling van je leven is en wat je doorgeeft aan de volgende generatie.
Onze (voor)ouders leefden niet per definitie vrijer, maar ze hadden wel ritme. Er waren dagen om te werken en momenten om te rusten. Er was eten dat hoorde bij de tijd van het jaar. Er waren handelingen die terugkeerden, omdat ze het leven droegen. De psyché heeft ritme nodig om zich veilig te voelen. Zonder ritme raakt de mens ontworteld. Wat dat betreft heeft de 24-uurs economie ons losgetrokken uit de natuurlijke bedding van inspanning, verwerking, integratie, verstilling en vernieuwing.
Juist in onze moderne manier van leven hebben we terug te keren naar ons natuurlijke ritme. De reis van het hart is de reis waarin je binnenwereld haar rechtmatige plek terugkrijgt als kompas in de buitenwereld. Zodat je niet langer aan het leven voorbijraast, maar in contact met je binnenwereld staat. Daar begint de reis van het hart: bij het maken van keuzes die niet langer voortkomen vanuit een overlevingsstrategie, maar uit wie jij werkelijk bent.







