Skip to main contentSkip to footer

Goed bedoelde adviezen

Column Janneke Dijkhuis

We fietsen over het Koolveen, langs het Mantingerveld, de Mantingerdijk op om via de Mepperstraat Boswachterbij Gees in te trappen.

Mijn moeder en ik op een duofiets.
Vijftien jaar geleden verloor ze haar zicht en daarmee veel bewegingsvrijheid.
Geen autorijden meer, niet meer even de fiets pakken of in je eentje een nieuwe omgeving verkennen.

Ik woonde toen in Bangkok.
Daarna in Indonesië, Zuid-Afrika, Colombia en oneindig veel plekken daar tussenin.
En de laatste jaren weer in Drenthe en gaan we dagjes weg of kom ik onaangekondigd binnenvallen.

Mijn vrouwenlijn leeft de laatste tijd weer meer in mij.

Mijn oma en de armoede waarin zij is opgegroeid.
Haar moeder die al jong weduwe werd met zes monden te voeden in tijden van oorlog.
Haar moeder die vijf van haar zeven kinderen verloor en vervolgens zelf jong stierf.
Haar moeder die met een volle neef trouwde.

Allemaal zijn ze geboren en getogen in Hoogeveen.
Een plek waar ik nog steeds weerstand tegen kan ervaren.
Hoewel ik er zelf ook ben geboren.
In het ziekenhuis weliswaar om vanuit daar op te groeien op het platteland.
Daar waar ik me tegenwoordig zo ontzettend thuis voel.

“Waar je weerstand tegen ervaart heb je te zijn,” hoor ik mezelf zeggen tegen cliënten, vriendinnen en laatst nog tegen m’n broer.

Dus wat wil Hoogeveen me vertellen?
Gaat het überhaupt over Hoogeveen?
Gaat het over de geschiedenis waar een deel van mijn systeem in is geworteld?

Die weerstand, daar heb ik toch al doorheen gewerkt?

“Oh ja, echt,” hoor ik een innerlijke stem een beetje spottend vragen.

“Same devil, different level,” hoor ik mezelf zuchtend zeggen.

Uiteraard parkeren we de fiets bij de ijssalon in Gees.
Voor mij een coupe van twee bolletjes; mango en granaatappel, met slagroom, frambozensaus, witte chocolade druppels en fruit om het feest compleet te maken.

Met behulp van drie wespen heb ik de suikerbom weg gesmikkeld.

Wanneer we weer op de fiets stappen kijk ik opzij naar m’n moeder.
Waar zal het me naartoe brengen als ik mijn eigen advies op zou volgen?

Het hele universum is vervat in een enkel menselijk wezen – jij. Alles wat je om je heen ziet, inclusief de dingen waar je misschien niet van houdt en zelfs de mensen die je veracht of verafschuwt, is in meer of mindere mate in je aanwezig. Zoek daarom ook niet naar Satan buiten jezelf. De duivel is geen buitengewone kracht die van buitenaf aanvalt. Het is een gewone stem van binnen. Als je jezelf ten volle wilt leren kennen, ga dan eerlijk en hardvochtig te werk.​​

Regel 17 uit 40 regels van Liefde

Over de auteur

Mijn naam is Janneke (1983), Jungiaans geschoold schaduwwerkcoach, systemisch coach, familieopsteller en schrijfster.

Ik heb ruim tien jaar in het buitenland gewoond als expat en later als digitale nomade. In mijn zoektocht naar vrijheid zeilde ik de Indische Oceaan en Atlantische Oceaan over. Uiteindelijk landde ik terug op mijn geboortegrond in Drenthe waar ik die vrijheid die ik in de buitenwereld zocht, in mijn binnenwereld vond.

Ik schrijf, ik kan niet anders. Omdat het mijn manier is om hetgeen in mij leeft te onderzoeken en een stem te geven. Vragen over het leven, de dood, de liefde houden me bezig. Over wat het betekent om mens te zijn en waar het leven nu eigenlijk echt over gaat.

Volg-je-hart
Volg je hart…

…een nuchtere kijk op een populair advies

“Volg je hart,” wordt zo vaak gezegd.

Maar waarom is het voor veel mensen moeilijk om hun hart te volgen?
En waarom zeggen we zo gemakkelijk dat we het willen, terwijl we er intussen ons leven zo op inrichten dat het vooral niet hoeft?
Waarom bouwen zoveel mensen een leven dat er van buiten goed uitziet, maar dat vanbinnen, als je heel eerlijk bent, leeg aanvoelt?
Waarom blijven we in werk dat ons leegtrekt, in relaties waarin we onszelf verkleinen, in loyaliteiten die allang hun houdbaarheidsdatum voorbij zijn?

En als we dan eindelijk dat gevoel toe kunnen laten dat er iets niet klopt, waarom noemen we dat zo vaak ondankbaarheid, onrust, onverzadigbaarheid, of erger nog, egoïsme?