Landleven vs. zeeleven

Aan land verandert alles. Jungle wordt ingeruild voor beton. Laagbouw wordt hoogbouw. Wegen worden aangelegd op plekken waarvan je vroeger niet eens wist dat je er naartoe wilde

Op het water is dat niet zo. De oceaan is een tijdloos aspect wat er in het tijdperk van James Cook en Christopher Columbus hetzelfde uitzag als hoe het vandaag is.
Op de plastic soep na dan.

Dagen achtereen dobber je rond met soms wel weken geen land in zicht. Alleen heul, heul veul water, zover je kunt kijken. Nog verder dan de horizon. Als dat mogelijk zou zijn.

Het haalt de snelheid uit het leven. Waar je aan land continue geleefd wordt, kun je op het water écht leven. Gewoon zijn. Eten. Drinken. Op koers blijven. Geen prikkels. Geen ruis. Geen afleiding. Dat is iets wat ik tot nu toe in niets anders gevonden heb.

En ik vraag me weleens af of het überhaupt mogelijk is om in zulke eenvoud tevreden aan land te kunnen leven. In het Westen van de wereld. Zouden we daar écht tevreden mee kunnen zijn, of is afwisseling nodig om het op waarde te kunnen schatten?

Tegenwoordig komt niemand om van de honger in de Westerse wereld. Toch ervaart bijna iedereen werkstress en hoor ik om de haverklap dat er weer iemand met een burnout thuiszit. Dit terwijl het aantal meditatie apps en life coaches nog nooit zo hard toenam als nu. Er heerst dus blijkbaar nogal wat onvrede.

En ergens lijkt het ook wel alsof we ook ontevreden zijn, omdat we met zoveel keuzemogelijkheden en luxe ontevreden zijn.

Ik vraag me af of dat contrast tussen leven aan land en leven op zee in de tijd van Cook en Columbus ook zo groot was.