Afgelopen woensdag was het nieuwe maan.
Een tijd om intenties en doelen te stellen.
Om nieuwe dingen te starten.
Zeggen ze.
De maan beeld het vrouwelijk uit, vruchtbaarheid, de cyclus van de tijd.
Met nieuwe maan verstopt’ie zich, maar als je blijft kijken naar de maan dan komt’ie altijd terug.
Dat is een gegeven.
Het is niet moeilijk om daarop te durven vertrouwen.
De maan is betrouwbaar.
Net als de zon die iedere ochtend in het oosten op komt.
En iedere dag in het westen ondergaat.
Komt de maan altijd en eeuwig terug.
Het proces doorlopend van donker naar licht, naar donker naar licht.
Het is een natuurwet.
In de vertraging en verstilling ontdek ik die natuurwet ook steeds meer in mezelf.
In mijn maancyclus.
In mijn werk, relaties en ervaring van het leven.
Soms is het nog even uitdagend om te durven vertrouwen wanneer het nieuwe maan in mij is.
Dan wordt er een beroep gedaan op moed houden en durven vertrouwen dat mijn maan onderweg is om haar volle licht te laten schijnen.
Dat mijn zon de volgende dag weer opkomt.
De gehechtheid aan de glunderende maan en stralende zon zit diep.
In de vertraging en verstilling groeit het vertrouwen.
In de natuurwetten in mij.
Die niet altijd het ritme van de zon of de maan matchen.
Maar die de verschillende fasen in hun eigen ritme afwisselen.
In mijn ritme.
Die ik beïnvloed door hetgeen in mij leeft ruimte te bieden.
Me niet te verzetten.
Maar me over te geven aan de realiteit.
En wanneer ik dat doe beweegt mijn ritme steeds meer mee op het ritme van de maan.
Van licht naar donker, naar licht naar donker.
En van donker naar licht, naar donker naar licht.
Mijn ritme kristalliseert uit.
Wordt betrouwbaar.
Brengt zelfvertrouwen tot bloei.

