Transformatie staat voor mij gelijk aan de dood.
Uit een vorm gaan, zodat een nieuwe geboren kan worden.
Andere dimensies.
Maar doodgaan is een natuurlijk proces waar een collectieve angst en afkeer op zit, omdat het in onze gedachten en overtuigingen zo definitief is.
Mijn systeem is met dit gedachtegoed gevoed.
En mijn ziel wil juist daarin iets ervaren: in loslaten en vertrouwen.
Dat weet ik.
Ik ken mijn blauwdruk vanuit de numerologie, human design en astrologie.
Mijn levenspad tot nu toe onderschrijft dit.
Het maakt dat ik mezelf iedere keer weer in een “lastig” pakket weet te manoeuvreren.
Een pakket waarin de kans besloten ligt om een oude versie van mezelf te laten sterven, zodat een nieuwe geboren kan worden.
En in dat proces ervaar ik m’n hoofd als grootste uitdaging.
Gedachten die o.a. gevoed zijn door collectieve angsten voor de dood, en daarmee dus loslaten.
Op een dag waarin vertrouwen de boventoon voert stroomt m’n systeem over van mogelijkheden. Niet eens zozeer in m’n hoofd, veel meer in m’n lijf en energie.
Dan trek ik aan wat nodig is.
Wat voor mij bestemd is.
Op een dag waarin ik uitgenodigd word om los te laten treedt het mechanisme “kijken naar mezelf door de ogen van anderen” in werking en schiet ik in m’n hoofd.
En dan vooral de ogen van mensen die mijn proces bijvoorbeeld van dichtbij meemaken en me al heel vaak hebben zien “vallen”.
Of mensen met een hele andere zielsagenda dan mij.
Meestal kom ik in die gedachten, kijkend door die ogen, niet zo goed uit de verf.
Dat is dan weer de uitnodiging om los te laten.
M’n systeem beweegt daar steeds een beetje meer in mee.
In durven vertrouwen.
En daarmee ook in kunnen wachten.
Transformeren.
Ervoor gaan is nooit een issue voor me geweest.
Vroeger op hoop van zegen.
En inmiddels steeds meer vanuit een diep vertrouwen.
En ik merk; hoe vaker ik spring, of hoe groter de sprong,
hoe intenser het stervensproces dat daarop volgt.
En dus hoe groter de les in overgave en vertrouwen.
Maar ook: hoe rijker de oogst.
En hoe groter de transformatie.
